TPRS in een jaar – voorafje voor techniek 11 – Reacties

TPRS Stap 1 – technieken : betekenis geven en persoonlijk maken: voorafje voor techniek 1 –  Reacties

orchestra_533aBen noemt dit een techniek op meesterniveau.

Volgens Ben is het een belangrijke techniek, omdat deze techniek vraagt om eerlijke reacties van de leerlingen/studenten/cursisten en omdat deze techniek zorgt voor betrokkenheid van de leerlingen en omdat deze techniek ervoor zorgt dat jij langzamer gaat.

Ben zegt dat “Silence is not golden in the TPRS classroom”. Als er stilte volgt op een vraag van jou dan weet je het volgende:

  • je gaat te snel
  • de leerlingen begrijpen het niet
  • de leerlingen hebben niet genoeg tijd om leuke, gevatte antwoorden te verzinnen
  • je checkt de barometerleerling niet

Merendeels zijn ja- en nee-antwoorden al voldoende (bij beginners) : dat moeten ze minstens in de doeltaal zeggen. Om de klas levendiger te maken, kun je wel om melodrama vragen, zelfs in de ja- en nee-antwoorden!

Ben geeft een lijst met ideeën van Blaine Ray om reacties van de leerlingen uit te lokken:

  • geef een zin en de leerlingen beantwoorden met interesse (bv. met Ooooh!)
  • stel een vraag waarop iedereen het antwoord weet – je krijgt een koor-antwoord
  • stel een vraag waarop nog geen antwoord bekend is. De leerlingen gissen en de docent kiest het meest creatieve antwoord of zegt nee. De docent geeft dan het antwoord uit de klas, hun eigen antwoord op de vraag en de leerlingen reageren daarop
  • geef een zin die vraagt om een nee-antwoord en de leerlingen reageren met : Oh nee! Oh nee! (in de doeltaal). (Techniek 33). Bij de niveaus A1 en hoger reageren de leerlingen met uitroepen als ¡Qué bueno!, Ça c’est bon!,  ¡Fantástico!, Formidable!, ¡Qué horrible!, C’est affreux! etc.
  • als de zin uitgebeeld kan worden door een acteur dan stop je met vragen stellen en laat je de acteurs het uitspelen. De acteurs en niet alleen de leerlingen in de klas reageren ook op gebeurtenissen in het verhaal.

Ben geeft aan dat wanneer je steeds emotionele en intuïtieve reacties krijgt van de klas en van de acteurs (techniek 21) dat je dan weet dat je TPRS aan het doen bent zoals het bedoeld is.

Vragen om emotionele reacties zorgt er ook voor dat je langzamer gaat. Ga pas door met het verhaal als je een stevig “Ooh!” van de klas hebt gehoord na elk nieuw feit. Ben maakt hier ook een gebaar bij ; hij kijkt naar beneden en doet zijn armen naar voren en leunt naar achteren en neemt daarmee zijn armen wat mee omhoog  en geeft als een soort dirigent aan welke reactie verwacht wordt.

De afbeelding is afkomstig van de site: http://well.blogs.nytimes.com/2007/11/09/a-little-more-sweat-maestro/

TPRS in een jaar – techniek 10 – Wat heb ik net gezegd? – de lespraktijk

TPR_stick_figuresTPRS in een jaar – techniek 10 – Wat heb ik net gezegd? – de lespraktijk

We zijn nog steeds bezig met het bespreken van de TPRS Stap 1 technieken – betekenis geven en persoonlijk maken. Van de 15 Stap 1 technieken is dit techniek 10. Deze techniek gebruik ik regelmatig in de les. Ook door bijvoorbeeld te vragen: “Wat is …?” of “Wat betekent …?” . Ik vraag dat in het Frans. Ik vraag het als de klas/groep zwakjes reageert. Als er geen krachtig koor-antwoord is, maar een paar – meestal de snellere verwerkers – geven het antwoord. Dan ga ik een stapje terug en vraag naar de betekenis.

Ben Slavic roept al jaren dat hij TPRS in a Year! wil herschrijven. Techniek 10 vind ik zeker een techniek die hij mag herschrijven, bovendien vind ik dat er ook overlap is met techniek 15, de begripschecks. In de bijdrage van 10 maart j.l. staat een link naar uitgebreidere informatie over de begripschecks.

Ik gebruik deze techniek veel en ik merk dat men het ook fijn vind als ik vragen stel over de betekenis. Overigens hoef je niet altijd te laten vertalen. Je kunt de leerlingen ook laten wijzen naar iets of een gebaar te laten maken. Dat is bijvoorbeeld ook handig als niet kúnt vertalen, bijvoorbeeld als je NT2 geeft.

Als je NT2 geeft en deelnemers hebt met allemaal verschillende taal achtergronden, dan is dit een lastigere techniek. Desondanks zou ik aanraden om – als de deelnemers niet analfabeet of andersgeletterd zijn en als er een woordenboek bestaat voor hun taal naar Nederlands of Engels – de deelnemers aan het begin van de les de betekenis in hun eigen taal achter de structuren te laten zetten. Deel een papier uit waarop de Nederlandse structuren staan, evt. al met de Engelse vertaling erachter en ook met ruimte waar ze in hun eigen taal de vertaling erbij kunnen zetten. Als je het gevoel hebt dat ze even de draad kwijt zijn, verwijs dan naar hun blad met de betekenis.

Werk je met analfabeten/andersgeletterden, dan ben je aangewezen op TPR, gebaren, plaatjes & foto’s, filmpjes en tekenen. Ben je niet goed in tekenen, gebruik dan de stick-figures, zoals de voorbeelden hier links.

De afbeeldingen zijn afkomstig van de website van Henny Jellema en zij gebruikt ze met toestemming van de uitgever Sky Oaks Productions Inc. Ze komen uit het boek van Ramiro Garcia: Instructor’s Notebook, How to apply TPR for best results. Je kunt het boek hier bestellen.

Henny Jellema heeft op deze website online oefeningen voor Engels en voor NT2 staan. Zij geeft aan dat men eerst via TPR gewerkt dient te hebben, voordat men de online oefeningen kan gaan doen. Hier ga je naar de TPR oefeningen van NT2 : http://www.digischool.nl/oefenen/hennyjellema/nederlands/tpr/les.1/lijst.htm
en hier ga je naar de Engelstalige TPR oefeningen :  http://www.digischool.nl/oefenen/hennyjellema/engels/tpr/voorbladtpr.htm

Storytellers: Verhalen Verbeeld – Aboriginal Kunst in AAMU in Utrecht t/m 9 juni 2013

DavidMalangiKingBrownSnakeTPRS’ers zijn geen verhalen vertellers, maar verhalenvragers. Ik ben dol op verhalen, of ze nu gevraagd worden of verteld. Daarom in dit stukje aandacht voor een bijzondere expositie “Verhalen Verbeeld” in het Museum voor Hedendaagse Aboriginal Kunst in Utrecht.

Hieronder volgt de tekst van de website van AAMU over de expositie : “Het vertellen van verhalen is zo oud als de mensheid en komt in alle culturen voor. Het is een belangrijke manier om kennis en waarden over te dragen van generatie op generatie maar ook een bron van vermaak. De oorspronkelijke bewoners van Australië kennen een rijke traditie in het overbrengen van verhalen. Omdat schrift niet voorkomt in hun cultuur, zijn de verhalen voor Aboriginal gemeenschappen van groot belang.

In de expositie Storytellers worden aan de hand van prachtige kunstwerken op doek en boombast vijf van deze belangrijke verhalen uit de Aboriginal cultuur verteld. Droomverhalen zoals dat van de Clan van de Wilde Honing en machtige voorouderlijke wezens als de Regenboogslang, worden verbeeld door internationaal vermaarde kunstenaars die tot de top van de hedendaagse Australische kunst horen. Ook ziet u hoe de lange traditie van het vertellen van verhalen is opgenomen in recente kunst uit de grote Australische steden.” Lees hier verder. De tentoonstelling is in het Museum voor hedendaagse Aboriginal kunst aan de Oude Gracht 176 in Utrecht en is te bezoeken tot en met 9 juni 2013.