Ken Robinson & het opbloeien van de Death Valley van het onderwijs

Vandaag borduur ik nog even  verder op Ken Robinson. Op de Linkedin groep van Leraar 24 had iemand het volgende filmpje geplaatst. De titel van het filmpje is : How to escape education’s Death Valley, maar het zou beter kunnen heten: Hoe de schijnbare Death Valley van het onderwijs weer tot leven gebracht kan worden.

Ik vat het betoog hieronder samen en daarna zal ik er mijn mening over geven en aansluitend op de slotopmerkingen van Ken Robinson aangeven waar wij met TPRS staan in het onderwijs.

Death Valley USAKen Robinson stelt:
Er zijn drie principes waarop het menselijke leven floreert en die worden weersproken door de onderwijscultuur waarin de meeste docenten moeten arbeiden en die de meeste leerlingen hebben te doorstaan:
Principe 1: menselijke wezens zijn van nature anders en verschillend
Principe 2: nieuwsgierigheid drijft het menselijk leven tot bloei
Principe 3. creativiteit is inherent aan het menselijk leven

Verder geeft hij aan, en dat is voor mij het belangrijkste punt van zijn betoog: “Het punt is dat onderwijs niet een mechanisch systeem is. Het is een menselijk systeem. Het gaat om mensen (…) Hij denkt dat we een andere metafoor moeten omarmen: “We moeten erkennen dat het een menselijk systeem is en dat er voorwaarden zijn waar mensen van opbloeien en voorwaarden waardoor ze dat niet doen.” En hij geeft het beeld van Death Valley, dat dood lijkt, maar waar de zaadjes liggen te slapen en tot leven komen als ze de kans daarvoor krijgen wanneer de omstandigheden daar gunstig voor zijn..

Vervolgens zegt hij nog dat “de echte rol van leiderschap in onderwijs – en hij denkt dat dat geldt op nationaal (en staats) en schoolniveau – is niet en moet niet zijn : afdwingen en controleren. De echte rol van leiderschap is : klimaatcontrole, een klimaat scheppen van mogelijkheden. En als je dat doet, zullen mensen opstaan en dingen bereiken die je totaal niet zou voorzien en niet kon verwachten.”

Aan het slot van zijn betoog citeert Ken Robinson een uitspraak van Benjamin Franklin dat er drie soorten mensen op de wereld zijn : “Degenen die niet in beweging zijn te brengen, mensen die ’t niet snappen, die het niet willen snappen en die daar niks aan zullen doen. Er zijn mensen die in beweging te brengen zijn, mensen die de noodzaak voor verandering zien en die bereid zijn om er naar te luisteren. En er zijn mensen die bewegen, mensen die dingen laten gebeuren.”

Death Valley BloomsRobinson stelt dat als we meer mensen in beweging kunnen brengen, dat het dan een beweging wordt. En als die beweging sterk genoeg wordt, dan is dat in de beste betekenis van het woord een revolutie. En die hebben we nodig”.

Nou,duidelijk, in beweging komen dus! Dan zijn we een beweging. Je wilt toch niet bij die eerste groep zitten die Benjamin Franklin noemt?!

Het enige dat nodig is, is heel simpel: menselijkheid, de menselijke maat terugbrengen in de scholen. Stoppen met het kwantificeren en niet denken dat meten hetzelfde is als mesten’. En zoals Robinson aangeeft, brengt dat een andere rol van de overheid mee, maar ook van ons docenten.

In datzelfde Amerika als waar de heer Robinson het over heeft, is in de 90’er jaren een taaldocent Spaans begonnen met een menselijke manier van taalles geven en sinds 2007 is die manier ook in Nederland geïntroduceerd. Taaldocenten MVT en NT2 die meer menselijkheid, meer creativiteit, meer fantasie, meer humor in hun lessen willen brengen, nodig ik van harte uit om kennis te komen maken of als je er al mee werkt, meer mensen uit te nodigen kennis te komen maken met deze revolutionaire – maar in feite eeuwenoude! – manier van taal doceren, waarbij de leerling en de docent centraal staan en waarbij het taal leren eigenlijk een bijproduct is van het samen creatief en fantasierijk in een ‘vreemde’ taal verhalen te scheppen. In Amerika zijn er al meer dan 6000 taaldocenten die op deze manier werken en in Nederland proberen we ook in beweging te komen en dus een beweging te vormen. Meer hierover lees je op de site van de stichting tprs platform .

Morgen, zaterdagochtend 1 juni is er in Utrecht tussen 9.30 en 12.30 een netwerkbijeenkomst voor taaldocenten die met deze methode werken of die er kennis mee willen maken. De inschrijving is al gesloten, maar er volgen meer netwerkbijeenkomsten! Hieronder staan de data en je kunt je al inschrijven voor oktober, als je de link hieronder volgt:

  • Vrijdag 4 oktober 2013 van 14.00 tot 17.00 uur in Utrecht
  • Zaterdag 7 december 2013 van 09.30 tot 12.30 uur in Utrecht
  • Vrijdag 7 februari 2014 van 14.00 tot 17.00 uur in Utrecht
  • Zaterdag 24 mei 2014 van 09.30 tot 12.30 uur in Utrecht

De afbeelding met de schedel is afkomstig van : http://www.chestnut-tree-house.org.uk/default.asp?id=625 en de afbeelding met de bloemen staat op http://fox-actors.blogspot.nl/2012/11/death-valley-blooms.html

Advertenties

TPRS – Stap 2 – techniek 22 – In het NU blijven – de lespraktijk

TPRS – Stap 2 – techniek 22 – In het NU blijven – de lespraktijk (maar niet heus 😉

nu moment happyBen Slavic is een beetje de filosoof onder de TPRS docenten. In het Nu blijven is in de oosterse godsdiensten een belangrijk concept, dat ook overgewaaid is naar het westen. In het NU blijven is niet alleen iets voor TPRS, het is iets dat voor elk moment van het leven kan gelden. Aansluitend op deze filosofische kant van het gegeven van in het NU blijven, deze keer eens een keer niet over de lespraktijk, maar we bekijken wat we doen eens vanuit een meta-standpunt.

Wij westerse mensen hebben heel sterk de neiging om alles van het leven onder controle te houden, te plannen, dicht te timmeren. Dit doodt o.a. creativiteit. Het doodt ook menselijkheid, want alles moet meetbaar en maakbaar worden. Kijk naar de manier waarop alles in het reguliere onderwijs tegenwoordig volledig gekwantificeerd dient te worden.  De grote nadruk op toetsing, cijfers voor toetsen, het vergelijken door alles in percentages onder te brengen, scholen die met elkaar een concurrentiestrijd aangaan om de meeste leerlingen, lees financiën binnen te halen  etc. etc. De creatieve en bewegingsvakken zijn steeds minder belangrijk geworden en nemen steeds minder tijd in het schoolprogramma in. Alle leerlingen die niet kneedbaar zijn en afwijken van de norm krijgen etiketjes en moeten via medicatie en ´rugzakjes´ in het gareel worden gehouden.

Er begint echter een tegenbeweging op gang te komen; andere onderwijsvormen ontstaan.

Met TPRS zitten wij in de tegenbeweging! Wij brengen menselijkheid en creativiteit terug in de scholen! Daar wil je toch deel van uitmaken en je bijdrage aan leveren????!!!! Breng (meer) beweging in je eigen leven en je eigen taallespraktijk!!!!!

Hieronder een buitengewoon indrukwekkend animatiefilmpje op TED van een lezing van Sir Ken Robinson over Changing Education Paradigms, met als één van de onderdelen een geweldige – echter in feite intrieste – beschrijving van het huidige ‘lopende band onderwijs’ – maar ook bijvoorbeeld een indringende notitie over ADHD. Het filmpje is meer dan 10 MILJOEN keer bekeken!

Hieronder een filmpje van Ken Robinson over het doden van creativiteit door scholen. Met Nederlandse ondertiteling. 

De afbeelding linksboven is afkomstig van de site: http://www.wanttoknow.nl/wetenschap/energie/de-kleur-van-jouw-hart/

Waterval vertelfestival – 31 mei t/m 2 juni 2013 in Zwolle Unlimited

waterval-logoHet jaarlijks terugkerend internationaal Waterval vertelfestival in Zwolle begint vrijdag 31 mei en duurt  t/m zondag 2 juni 2013.

Een intiem én bruisend vertelfestival met honderden verhalen, afgewisseld met live muziek en je kunt er op terrasjes lekker eten, er zijn activiteiten voor kinderen en theatrale acts, dit alles langs de stadswal aan de waterkant op een mooi oud stukje van Zwolle bij de Verhalenboot. Hier vind je het programma: http://www.waterval-vertelfestival.nl/

Zwolle Unlimited 2013Het Watervalvertelfestival staat trouwens niet op zich. Er zijn komende dagen nog meer evenementen in de mooie oude binnenstad van Zwolle en tevens wordt museum De Fundatie op 1 juni weer voor het publiek geopend, na echt spectaculair verbouwd te zijn.

Hierachter een quote van de site : ZWOLLE UNLIMITED LAAT PARELTJES ZIEN; VIER DAGEN VOL FESTIVALS, THEATER, MUZIEK EN SPORT. Op 30, 31 mei, 1 en 2 juni is er weer van alles te beleven in de stad! Begin juni gonzen de Zwolse straten van spannend straattheater, swingende en verstilde concerten, wonderschone vertellingen, culinaire hotspots, sport, kinderactiviteiten en gezelligheid. Zwolle Unlimited wordt gehouden als afsluiting van het theaterseizoen en markeert de overgang naar de zomer. Het festival bundelt de kleinschalige culturele en kunstzinnige pareltjes van de stad en daalt van 30 mei tot en met 2 juni als confetti over de binnenstad neer.

Het idee van ‘samen staan we sterk’ is de basis van Zwolle Unlimited. Dat vertellen producenten Henk Egberts van Straattheater- festival Kunsten op Straat Zwolle, Geert van de Wal van de Zwolse Boekenmarkt en Rob Bults, van Waterval Internationaal Vertel- festival. Hun drie evenementen vormen de basis van Zwolle Unlimited.
End quote

Klik hier om de festivalkrant van Zwolle Unlimited 2013 te downloaden.

Waterval_vertelfestival_Zwolle_15-1

De foto rechts is van een eerder Waterval Vertelfestival. Het  wordt georganiseerd door Stichting De Verhalenboot Zwolle :   http://www.deverhalenboot.nl/

Het speelt zich af langs de waterkant en bij de oude stadsmuur en de verhalen worden in  de grote joerds verteld, wat heel sfeervol is!  Verhalen en muziek wisselen elkaar af. Er zijn eettentjes, ´s avonds branden er overal grote vuurkorven. En als je nog meer wilt,  dan ga je de stad in voor de andere onderdelen van Zwolle Unlimited.

De foto rechts is van Harry Plantinga en is afkomstig van het blog: http://www.weblogzwolle.nl/content/view/23660/55/

Nog even over Museum De Fundatie, quote van hun eigen site :
Na de officiële opening voor genodigden door Prinses Beatrix op 31 mei, is het vernieuwde Museum de Fundatie vanaf 1 juni weer toegankelijk voor het publiek. Op deze eerste dag is de entree gratis en zijn de openingstijden verruimd van 10 uur ’s ochtends tot 10 uur ’s avonds. De Blijmarkt wordt 1 juni omgetoverd tot een Grand Terras met live muziek en straattheater in een doorlopend progamma. Optredens zijn er van onder andere de Meander Big Band, Zwols Vocaal Ensemble, Sofia Dragt, Mpingo, Town of Saints, The Alluring Ajettes en de Broken Brass Ensemble.

museum_de_fundatie_zwolle_foto_pedro_sluiterHet OOG’, of ‘de Wolk’ dat is hoe Museum de Fundatie zelf de ellipsvormige opbouw op het dak noemt. Maar nu al circuleren er tal van andere bijnamen: ‘het ei’, ‘de ufo’, ‘de zeppelin’ of ‘het ruimteschip’. De uitbreiding, een ontwerp van Hubert-Jan Henket, biedt plaats aan twee tentoonstellingszalen met een gezamenlijk oppervlak van bijna 1000 m². Een groot ovaal raam geeft uitzicht op de historische binnenstad. Aan de buitenkant is de opbouw bekleed met 55.000 wit-blauwe tegels. De uitbreiding wordt als een keramische wolk optisch opgetild en zweeft boven het oorspronkelijke neoclassicistische gebouw. Op de grens tussen de middeleeuwse stadskern en de 19de-eeuwse singels is het vernieuwde museum een hedendaags baken en een icoon voor de toekomst. De nieuwbouw komt tegemoet aan de vraag naar extra ruimte voor de zo succesvolle sandwich van publiekstrekkers en specialistische tentoonstellingen. De opening wordt gemarkeerd met drie tentoonstellingen.
End quote

De foto hierboven is van Pedro Sluiter en staat op de site van Museum De Fundatie.

TPRS – Terry’s Super Six – die houden we erin!

Terry WaltzTerry Waltz heeft Six Super structuren voor TPRS. Dit zijn precies de structuren die ik ook altijd gebruik om met de beginners mee te beginnen – ze komen in feite uit de Look I Can Talk 1 van Blaine Ray.

Terry schrijft heel vaak op de moretprslist  en vandaag schreef  ze daar   – in antwoord op een vraag over het lesgeven aan volwassenen – het volgende :

Tue May 28, 2013 4:45 am (PDT) . Posted by: “Terry Waltz” [vertaling door mij]

Quote:
“Tijdens de eerste tien of vijftien uur volg ik dezelfde algemene volgorde met al mijn volwassen beginners, maar vervolgens heeft het de neiging om zich te gaan vertakken, afhankelijk van waar de interesses van de studenten liggen.

Ik zorg ervoor dat de studenten in de eerste twee lessen kennis maken met wat ik de “super six” noem :

  • Wil(sbesluit)  (“wil”, “zin hebben in/om”)
  • Locatie (“is in”)
  • Bestaan (“er is”, “er zijn”)
  • Voorkeuren (“houdt van”)
  • Identiteit (“is”, “ben”, “zijn” — het koppelwerkwoord als je taal die heeft)
  • Beweging (“gaat [naar]”).

Met die zes structuren kun je vele, vele eenvoudige verhalen vertellen door maar 1 onderdeel toe te voegen. Zoals ik al zei heb ik vanuit ervaring een soort van ‘standaard’ volgorde. Ik voeg die nieuwe onderdelen aan het begin toe, maar het is alleen wat handig was. Er is geen reden waarom je ‘een film bekijken’ zou doceren voor ‘bellen’ of vice versa, zo lang als ze even frequent zijn. En denk eraan – of iets frequent is, ligt hierin of het frequent is in de wereld van de student. In Hawaï, doceer ik “surfen” vroeg, omdat het relevant voor hen is, wat het frequent maakt.”
End quote

Tot zover wat Terry schreef over de Super Six – die term houd ik erin!

Overigens schrijft Terry hier over volwassenen, maar het is van toepassing op alle taalleerders; leeftijd maakt niet uit. En verder gebruikt ze de tegenwoordige tijd van de structuren. Blaine gebruikt in zijn Look I Can Talk serie de verleden tijd van de structuren voor het orale gedeelte en de tegenwoordige tijd voor het leesgedeelte. Dit is een beetje paradoxaal, omdat we  met TPRS hoogfrequente woorden gebruiken en de tegenwoordige tijd eigenlijk meer wordt gebruikt. Om toch voldoende blootstelling aan de verleden tijd te hebben, vragen we de verhalen daarom in de verleden tijd. Als we persoonlijke vragen stellen, gebruiken we de tegenwoordige en ook wel de verleden tijd. Dat hangt ervan waar je precies naar vraagt. Vervolgens gaan we verhalen lezen met dezelfde structuren, maar dan in de tegenwoordige tijd.  Zo gebruik ik in mijn lessen Frans de verleden tijd bij het vragen van de verhalen en de tegenwoordige tijd bij het lezen. Met NT2 gebruik ik de tegenwoordige tijd en de les daarna de verleden tijd, als we praten over waar het verhaal over ging. Met jonge kinderen zou je ook in de tegenwoordige tijd kunnen beginnen en later terugvragen in de verleden tijd.

De foto van Terry is afkomstig van de site: http://albanylanguagelearning.com/training/about

TPRS – Stap 2 – voorafje voor techniek 22 – In het NU blijven

TPRS – Stap 2 – voorafje voor techniek 22 – In het NU blijven

Staying in the momentVandaag  van TPR Storytelling – Stap 2 – het voorafje voor techniek 22 uit Ben Slavic’s boek “TPRS in a Year!” :  in het NU blijven.

Met in het NU blijven wordt bedoeld dat je niet weggaat van het moment dat in het verhaal gecreëerd is, en dat doe je om de begrijpelijke input levend te houden. Ben zegt dat je dit voor elkaar krijgt door:

  • de leerlingen te doceren en niet de taal
  • bij een zin te blijven totdat hij parallel loopt aan het originele verhaal – in de conclusie van TPRS in a Year! staan de details hoe je dat precies doet
  • extra details ‘uitmelken’ via cirkelvragen, ervoor zorgend dat de details te maken hebben met het leven van je leerlingen

Ben besteed wel drie bladzijden aan deze techniek en hij zegt erover dat dit misschien wel een van de uitdagendste TPRS technieken is, omdat hij zo indruist tegen alles wat we als docenten geleerd hebben, zoals : alles onder controle houden, het verhaal sturen, het juiste ding op het juiste moment zeggen, grappig zijn, enzovoorts. Alleen zorgen deze dingen ervoor dat er geen ruimte is voor de leerlingen en hún inbreng. En die twee dingen zorgen nu precies voor betrokkenheid van de leerlingen. En betrokkenheid krijg je door in het NU te blijven.

Ben geeft er twee prachtige voorbeelden van, met acteurs en al: ondanks het prachtige script kwam het verhaal niet op gang en later stokte het nog een keer! Ojee, ojee, een probleem! (Voor de docent!) Ben beschrijft waar hij emotioneel doorheen gaat en dan roept hij vanaf de pagina naar de lezer: “Blijf in het NU! Stel de vragen. Cirkel of sterf!” Door in het nu te blijven en lang genoeg te durven wachten tot er een leuk antwoord van de klas komt, geeft de docent de leerlingen een eigen inbreng in plaats van verstresst dan maar zelf gauw met iets te komen en het verhaal en de klas zo onder controle te houden. Doordat aan het begin van het verhaal een van de leerlingen riep dat het verhaal zich afspeelde in een beruchte straat in Denver (hun woonplaats) was er opeens chemie ontstaan. (Zie TPRS techniek 17, 3 locaties , over het belang van het gebruik maken van locale plekken, van het personaliseren van plekken).

Ben besluit ermee dat we soms wachten en dat er dan toch niks leuks komt. Leren de leerlingen dan niks en zijn we dan een nul in TPRS? Hij stelt ons gerust dat dat niet het geval is: horen de leerlingen de taal? Spreken we de doeltaal? Geven de leerlingen aan dat ze 80% of meer begrijpen? Ja?! Dan doen we ons werk! Het leven gaat niet altijd over rozen, persoonlijke begrijpelijke input is al geweldig!

Ben’s zelf reflectie vraag bij techniek 22: Blijf je in het NU?

De afbeelding is afkomstig van het blog: Leef jouw leven.

TPRS & wat je van paardrijden kunt leren

Heart of a Horse“Basically, one thing that I have learned from horse riding is that it’s much more effective to teach a horse how to do something right than to spend time teaching it not to do something wrong.

Pointing out mistakes is teaching students not to do something wrong. Giving them correct models is teaching them to do it right.” Judy Dubois in haar blogbijdrage van woensdag 8 mei 2013, More on TPRS corrections

Voor degenen die moeite met Engels hebben, Judy zegt hier:
“Eén ding dat dat ik in principe van paardrijden heb geleerd, is dat het effectiever is om een paard te leren hoe het iets goed kan doen, dan om tijd te stoppen in hoe het iets niet fout moet doen.

Leerlingen wijzen op fouten is hen leren om iets niet fout te doen. Correcte voorbeelden geven, is leren hoe ze het goed kunnen doen.”

De afbeelding is afkomstig van de Facebooksite: https://www.facebook.com/heartofahorse?filter=3

TPRS – Stap 2 – techniek 21 – Dialoog – de lespraktijk

TPRS – Stap 2 – techniek 21 – Dialoog – de lespraktijk

TPRS_spanish20_t640TPRS heeft men onderverdeeld in 3 stappen, stap 1 is die van ‘betekenis geven’, stap 2 is ‘het verhaal vragen’en stap 3 is ‘lezen’. Stap 2 heeft volgens Ben Slavic 10 technieken en we zijn nu bij de zesde TPRS stap 2 techniek, techniek #21 – ‘Dialoog’ en we kijken daar nu naar vanuit de lespraktijk.

Ik heb al eerder geschreven dat ik nog niet zoveel heb gewerkt met acteurs tot nu toe. Toch heeft mij dat nooit belet om niet met dialogen te werken. We kijken altijd met elkaar wat de helden van het verhaal tegen elkaar zeggen. Er flapt dan altijd wel iemand iets uit, wat het verhaal een goede impuls geeft en waar we ook vaak wel om moeten lachen.

Toch komt het ook wel voor, dat het soms gewoon niet lukt met de humor. Het zij zo! Je kunt dat niet forceren en het komt of het komt niet. Als er maar veel begrijpelijke input is geweest en iedereen betrokken is gebleven en het heeft kunnen volgen!

Even iets anders dan Dialogen, maar ik realiseer me, dat ik met de beginners en degenen op ERK A1 niveau anders werk dan met de A2’ers en de B1’ers. Met de beginners en A1’ers zijn we vooral samen verhalen aan het maken en alles  wat daarbij komt kijken. Met de A2’ers hadden we de afgelopen jaren steeds als 1 onderdeel van de les een TPRS-leesboekje. Die boekjes staan behoorlijk vol met dialogen; verder zijn die boekjes ook zodanig geschreven, dat je er veel PQA mee kunt doen, zodat de cursisten/leerlingen met dingen van zichzelf kunnen komen, waardoor we ook dialogen krijgen, persoonlijke dialogen. We lezen een aantal bladzijden in de les en vertalen waar nodig. Iedereen geeft altijd aan dat de boekjes heel gemakkelijk te lezen en te begrijpen zijn, maar als we ze dan in de les gaan lezen en we er dieper op ingaan, dan merken ze altijd dat er best veel grammaticale constructies gebruikt worden, die eigenlijk nieuw zijn of die ze eerst moeilijk vonden, maar door deze boekjes niet meer moeilijk zijn en die men ze zelfs spontaan gaat gebruiken. In het Frans heb je bijvoorbeeld: ‘je lui ai donné ‘  (ik heb hem/haar gegeven). In mijn pré-TPRS tijdperk zat iedereen er altijd over te zuchten en te mopperen en wat we ook aan oefeningen en uitleg deden, het bleef niet hangen en het riep weerstand op. Maar nu ‘valt het vanzelf uit hun mond’, zoals de Amerikanen altijd zo mooi zeggen.

Ik heb dit jaar een tijdje verhalen gemaakt met de A2’ers en dat ging niet onaardig, maar uiteindelijk zijn we meer met de actualiteit gaan doen en werden de verhalen van ‘Look I’m Really Talking – French III huiswerk, in combinatie met de filmpjes die mijn collega Hilde-Marie maakte. Zij stelde cirkelvragen over die verhaaltjes, die men dan hardop diende te beantwoorden. Met de B1 deden we hetzelfde, maar die vonden de vragen van die filmpjes o.h.a. te simpel, zodat we de vragen ‘hoger op de vragenladder’ zijn gaan stellen, maar toen werd het voor de A2 weer te moeilijk; duidelijk dat er echt niveauverschil is en dat beide groepen anders bediend moeten worden! Blaine geeft aan dat je bij de zelfstandige taalgebruikers meer groepsdiscussies, presentaties en literatuur kunt doen; maar ook bij de zelfstandige taalgebruikers kun je verhalen gebruiken voor nieuwe grammaticale structuren zoals de subjonctif, maar ik vind het nogal moeilijk om daar de juiste modus in te vinden. Op de NTPRS in Dallas in juli zal er speciale aandacht zijn voor TPRS voor hogere niveaus; ik kijk ernaar uit!

De afbeelding is afkomstig van de webpagina : http://www.bonnersprings.com/news/2012/feb/29/telling-story-teachers-ditch-books-new-method/