CCI and ‘Multiple intelligences’: win-win?

This blog article is written in Dutch and in English – first in Dutch and English underneath / Deze blogbijdrage is in het Nederlands en in het Engels geschreven. Eerst in het Nederlands en daaronder de tekst in het Engels.

Dutch/Nederlands
Misschien is het je opgevallen dat ik de naam van mijn blog veranderd heb in “Alike in CCI Wonderland”. Mocht de term CCI onbekend voor je zijn: de afkorting CCI staat voor Compelling Comprehensible Input en hij is afkomstig van Dr. Stephen Krashen. Hij schrijft er onder ander over in het volgende artikel: The Compelling (not just interesting) Input Hypothesis:

Quote uit bovengenoemd artikel: “Het is inmiddels welbekend dat input begrijpelijk moet zijn om een effect te hebben op taalverwerving en op kunnen lezen en schrijven. Om er voor te zorgen dat (tweede) taalverwervers ook écht aandacht hebben voor de gegeven input, dient deze interessant te zijn. Maar interessant kan wellicht niet voldoende zijn voor optimale (tweede) taalverwerving. Het zou wel eens het geval kunnen zijn dat input niet alleen interessant dient te zijn, maar zelfs meer dan dat: boeiend!”

Dr. Stephen Krashen & Dr. Beniko Mason - Storylistening workshop - Erlangen May 2018  ©2018 Taalleermethoden.nl

Dr. Stephen Krashen & Dr. Beniko Mason – Storylistening workshop – Erlangen May 2018 ©2018 Taalleermethoden.nl

Boeiend houdt in dat de input zó interessant is, dat je vergeet dat deze in een andere taal is. Het betekent dat je in een toestand van “flow” komt (Csikszentmihalyi, 1990). Bij flow verdwijnen de beslommeringen van het dagelijks leven en zelfs het gevoel van het ik verdwijnt – ons gevoel van tijd ervaren we anders en niets behalve de activiteit zelf lijkt van belang. Flow treedt op tijdens lezen als lezers “helemaal verdiept zijn in het boek” (Nell, 1988) of in de “Reading Zone” (Atwell, 2007).

Boeiende input schijnt de noodzaak van motivatie te elimineren, een bewuste wens om beter (in die taal) te worden. Als je boeiende input krijgt, verwerf je, of je nou wel of niet geïnteresseerd bent om beter (in die tweede taal) te worden.

Het bewijs voor de Compelling Input Hypothesis, de Boeiende Input Hypothese omvat het vooruitgaan (in die tweede taal) als een onverwacht gevolg, (zoals we kunnen zien aan; toevoeging door AL) de vele gevallen van hen die geen bewust voornemen hadden om vooruit te gaan in een andere taal of om hun lees- en schrijfvaardigheid te vergroten, maar die simpelweg heel geïnteresseerd raakten in lezen. In feite waren ze soms verrast dat ze vooruit waren gegaan.” Einde quote van Stephen Krashen uit het artikel The Compelling (not just interesting) Input Hypothesis. Lees dit boeiende artikel helemaal! 😉 Het zijn maar twee pagina’s. Is het niet bijzonder, dat verhaal over Daniel, die de Chinese taal verwierf terwijl hij de vaat aan het doen was (en zijn moeder hem in het Chinees voorlas)?!

Ik denk dat het heel interessant – nee, boeiend! – is om te kijken wat hier gebeurt: taalverwerving door (voor)lezen. Ik merk in mijn lessen Frans, dat dit fenomeen niet alleen optreedt bij lezen, het vindt ook plaats in een CCI MI les. Mijn CCI lessen zijn gebaseerd op Meervoudige Intelligenties (Multiple Intelligences, MI*). Door alle intelligenties aan te spreken, worden lessen bijzonder boeiend, omdat alle leerlingen op hun eigen manier aangesproken worden. Als het niet “matchen”/passen is voor sommigen, dan is het wel matchen voor anderen en stretchen voor hen 😉 

* Zie het artikel: Howard Gardner: ‘Multiple intelligences’ are not ‘learning styles’ voor beknopte achtergrond informatie. Daar staat ook een link naar The Official Authoritative Site of Multiple Intelligences.

Er zijn wetenschappers die beweren dat Meervoudige Intelligenties niet bestaan. Mij maakt dat niet uit: ik baseer mijn lessen op dit concept en het werkt als een trein. Mijn cursisten zijn altijd verrast dat de les alweer afgelopen is: door alle intelligenties aan te spreken is er veel variatie in de les, alle zintuigen worden aangesproken en dit zorgt voor de nieuwigheid waar ons brein naar smacht en het zorgt ook voor een multi-sensorische input, noodzakelijk voor het gemakkelijker ophalen uit het lange termijn geheugen, omdat het op meerdere plekken in het brein op wordt geslagen. Met behulp van MI kunnen we veel, niet-saaie herhaling geven welke noodzakelijk is voor taalverwerving op de lange termijn.

Krashen eindigt het hiervoor genoemde artikel met: “Een belangrijke vooronderstelling is dat luisteren naar of lezen van boeiende verhalen, kijken naar meeslepende films en gesprekken hebben met fascinerende mensen niet eenvoudigweg een andere route, een andere optie is. Het is mogelijk dat boeiende input niet alleen optimaal is: misschien is het de enige manier waarop we taal verwerven.”

Heb jij CCI al in je lessen uitgeprobeerd? Bijvoorbeeld TPRS of Storylistening? Of Clip Talk? Card Talk? Embedded Readings? Ben je het eens met Dr. Stephen Krashen’s conclusie? Werkt CCI voor jou en jouw leerlingen? Ik heb het uitgeprobeerd en het werkt voor mij en mijn cursisten! Voor mij is CCI+MI = win-win!

Iets voor jou? Doe de test!
Wil je weten of CCI wel bij je past? Doe test 1: “Heb jij CCI genen?”
Wil je weten of onze trainingenserie bij jou past? Doe test 2.

Test 1 : Heb jij CCI genen? Doe de test!

Ben je al CCI docent? Werk je al met TPRS, Storylistening, TPR e.d., en wil je je er verder in  verdiepen? Wellicht is onze trainingenserie – met curriculum om in je lessen te gebruiken – iets voor jou. Als je al eerder trainingen gevolgd hebt, kun je later in het leerproces instappen, maar je kunt ook nog eens vanaf het begin herhalen.

Test 2: Trainingenserie iets voor jou? Doe de test!

http://thedailynewnation.com/news/141761/multiple-intelligences.html

English/Engels
Perhaps you noticed I changed the name of my blog to “Alike in CCI Wonderland”. CCI stands for: Compelling Comprehensible Input and it comes from Dr. Stephen Krashen. He writes about it a.o. in the following article The Compelling (not just interesting) Input Hypothesis:

Quote: “It is by now well-established that input must be comprehensible to have an effect on language acquisition and literacy development. To make sure that language acquirers pay attention to the input, it should be interesting. But interest may be not enough for optimal language acquisition. It may be the case that input needs to be not just interesting but compelling.

Compelling means that the input is so interesting you forget that it is in another language. It means you are in a state of “flow” (Csikszentmihalyi, 1990). In flow, the concerns of everyday life and even the sense of self disappear – our sense of time is altered and nothing but the activity itself seems to matter. Flow occurs during reading when readers are “lost in the book” (Nell, 1988) or in the “Reading Zone” (Atwell, 2007).

Compelling input appears to eliminate the need for motivation, a conscious desire to improve. When you get compelling input, you acquire whether you are interested in improving or not.

The evidence for the Compelling Input Hypothesis includes improvement as an unexpected result, the many cases of those who had no conscious intention of improving in another language or increasing their literacy, but simply got very interested in reading. In fact, they were sometimes surprised that they had improved. : End quote of Stephen Krashen from the article The Compelling (not just interesting) Input Hypothesis. Do read it entirely! It’s only two pages. Isn’t it amazing, this story about Daniel, who acquired Chinese while washing the dishes (and his mother was reading aloud in Chinese)?!

Well, I think it’s very interesting – no, it’s compelling! – to see what’s happening here: language acuisition through reading (aloud). I notice in my lessons, this phenomon doesn’t only happen when reading, it also happens in a CCI MI lesson. My CCI lessons are based on Multiple Intelligences (MI)* . By addressing all intelligences, lessons become very compelling, because all students are honoured in their own way. If it isn’t matching for some, it’s matching for others and stretching for them 😉 

* See the article: Howard Gardner: ‘Multiple intelligences’ are not ‘learning styles’ for a brief explanation and also The Official Authoritative Site of Multiple Intelligences.

There are scientific researchers who say MI’s don’t exist. I don’t mind: I base my lessons on this concept and it works like a charm. My students are always surprised a lesson is already over: by touching all intelligences, there is a lot of variation, all senses are being addressed to and this gives the novelty our brain craves for and it gives a multi-sensory input, also necessary for easier long-term retrieval, because it’s saved in more places in the brain. With the help of MI, we can give a lot of not-boring repetition, which is necessary for language acquisition in the long term.

Krashen ends the above mentioned article with: “An important conjecture is that listening to or reading compelling stories, watching compelling movies and having conversations with truly fascinating people is not simply another route, another option. It is possible that compelling input is not just optimal: It may be the only way we truly acquire language.”

Did you already give CCI a try? And do you agree with Dr. Stephen Krashen’s conclusion? Does CCI work for you and your students? I tried it and I use both and for me and my students it works! For me CCI+MI = Win-win! If you want to know more about it, ask me about our CCI training series at the iFLT19 or come to my workshop “A long term TPRS/CI teacher training, including using a CI/TPRS curriculum” the 11th or the 12th of July at NTPRS19!

BVNT2 conferentie – Het vakmanschap van de NT2 docent

Afgelopen zaterdag, 18 mei, vond de grote jaarlijkse NT2 conferentie van de BVNT2 plaats op de HU, Uithof, Utrecht. Het thema van de conferentie was: “HET VAKMANSCHAP VAN DE NT2-DOCENT”. Hoe kun je je vakmanschap/vakvrouwschap blijven ontwikkelen als NT2-docent? Hoe werkt een vakkundig docent aan de eigen deskundigheid, gekoppeld aan de competenties zoals omschreven in het Competentieprofiel docent Nederlands als tweede taal. Dit alles ook in relatie tot allerlei ontwikkelingen binnen het NT2-vakgebied en de verschillende doelgroepen va het NT2-onderwijs.” Er was een interessant programma, met 3 workshoprondes met elk 16 workshops.

Aansluitend op het thema van de dag heb ik ’s middags de workshop “Begrijpelijke input didactiek
ook voor NT2 te gebruiken?” gegeven. Ik heb kort verteld waar de term CCI voor staat (= Compelling Comprehensible Input, afkomstig van Dr. Stephen Krashen). Ik heb twee vormen van CCI laten zien: TPRS en Storylistening. Tijdens het TPRS-gedeelte hebben de deelnemers en ik in co-creatie een Soedanees-Arabisch verhaal gemaakt, over Mofti en Latifa. TERWIJL DE DEELNEMERS GEEN ARABISCH KENDEN! (Op 2 na, die kregen een andere opdracht). Het werd weer een vrolijke boel: taal leren met plezier! We hebben aansluitend besproken hoe het nou kwam dat ze op deze manier de taal aan het verwerven waren en of je deze technieken ook in je NT2 lessen zou kunnen gebruiken en zo ja, hoe dan.

Vervolgens hebben we nog naar een deel van een Storylistening filmpje van Kathrin Shechtman gekeken, Der Suppenkasper. Zouden dit technieken zijn die ook in te zetten zijn in NT2 lessen? The proof of the CCI-pudding is in the eating! Probeer het uit en kijk of het bij jou en jouw cursisten/leerlingen past! Meer over Storylistening vind je op de site van de stichting Stories First Foundation en meer over TPRS vind je bij Taalleermethoden.nl.

De dag werd afgesloten met een bijzonder indrukwekkend, confronterend, swingend en ook  humoristisch optreden van The Bright Side of Life met de van oorsprong Liberiaanse Bright Richards en de van oorsprong Moldavische Oleg Fateev. Op 20 juni – Wereldvluchtelingendag – treden ze op in Rotterdam. Ze gaan na de zomer op 40 plaatsen in Nederland optreden. Zorg dat je erbij geweest bent! “Niet daar waar je vandaan komt, maar waar het goed met je gaat, is je thuis.”

De NT2 docente van het jaar werd ook bekend gemaakt; hier de link, maar helaas zijn de laatste personen nog niet toegevoegd. Ze zitten nog bij 2017…

En daarna een goed  verzorgd diner; wij boffen maar in ons werelddeel, dat dit allemaal zo kan! Het was een goed verzorgde dag, met mooie ontmoetingen!

Mijn Sinterklaascadeau! How to tell a story

How_to_tell_a_story

How to tell a story – Daniel Nayeri and Brian Won

Net is mijn Sinterklaascadeautje thuisbezorgd door DPD! Wat is die Sint toch een moderne goedheiligman! En hij weet waar hij iemand blij mee kan maken.

Gelukkig heeft het lot mij toebedeeld met een ruime fantasie, maar Zoals Carol Gaab altijd al zegt: “Brains crave novelty”. Dit is weer een leuke tool om aan je CI/TPRS lessen toe te voegen, ter variatie, ter leringh ende vermaek en gewoon voor krachtige taalverwerving, met humor. Maar je kunt het ook gebruiken vóórdat je de les ingaat, bij het schrijven van leestekstjes, die aansluiten bij je doelstructuren.

Ik heb ook wel gewerkt met Rory’s storytelling cubes, maar dat is toch geen blijvertje geworden. Ik geloof dat ik deze dobbelstenen leuker vind. We zullen ze de komende tijd eens uit gaan proberen! Vooral als je klassen/groepen hebt waar niet zoveel uitkomt qua fantasie, kan dit een handige aanvulling zijn.

In de doos van plusminus 21×21 cm zitten 20 prachtige full-colour geïllustreerde dobbelstenen van 3,3 x 3,3 cm en een klein bijbehorend (Engelstalig) 144 pagina’s tellend boekje, tevens full colour. Alle plaatjes van de dobbelstenen staan ook op de binnenkant van de voor- en achterkaft en op het eerste en laatste blad, met de namen erbij geschreven. Vooral voor de plaatjes met de emoties is dat wel handig, alhoewel je er natuurlijk altijd je eigen slinger aan kunt geven.  

Het boekje gidst door de principes van creatief verhalen maken. Je vindt er de essentiële onderdelen zoals “problemen” : van die dingen waar niemand in het echte leven van houdt, maar zonder welke geen enkel verhaal een aanvang zou kunnen nemen maar natuurlijk ook: personnages, motieven, dialogen, thema’s en uiteraard de climax. Als je door het boek bladert, word je stapsgewijs door allerlei verhaalmogelijkheden geleid. 

De blokken zijn gecodeerd met kleuren, elke kleur heeft losjes te maken met: mensen of dieren (rood/cirkel), dingen (blauw/ vierkant). Leuk! Ik vraag altijd aan het begin, als we een verhaal gaan maken: “Was er een mens, een dier of een ding?” En dan vis ik net zo lang tot er opeens een verhaal op begint te doemen. Andere kleuren: oranje/driehoek = plaatsen, geel/druppelvorm = beschrijving emoties, groen/pijl = acties, paars/hart = relaties. 

Een voorbeeld op pagina 10: “Roll 20 blokken en pak 1 rode cirkel en 1 blauw vierkant. Vertel nu een verhaal met “rode cirkel” als hoofdpersoon die niets liever wil dan een “blauw vierkant” te hebben. [Zie je hier Terry’s Super Seven?! AL] Het verhaal zou op deze manier kunnen gaan over een galante ridder die op zoek gaat naar een prijswinnende taco; of over een jonge bibliotheekmedewerker die zijn eigen vuurtoren wil hebben.”

De auteur drukt op het hart: de kleuren zijn richtlijnen, maak er geen gevangenis van! Als je van een “blauw vierkant” een hoofdpersoon wilt maken: gewoon doen! 

Daniel heeft allerlei interessante oefeningen voor “workouts” in zijn “imaginasium”.

Het enige wat ik mis, is een index: daar blinken de Amerikanen niet in uit, in indexen in hun boeken… Ik heb dus zelf even een overzichtje gemaakt: want er is zeker overzicht! Aan het eind van elk hoofdstukje vind je “So what have we learned?” = pagina’s 38, 60, 83, 103, 128, 139. Daarachter staan dan altijd 1 à 3 pagina’s met “prompts”: zinnetjes die je kunt gebruiken om een start te maken of verder te gaan met een verhaal: pagina’s 39-41, 61-63, 84-85, 104-105, 129, 140. En na de prompts staan er een aantal spellen van 1 à 2 tot 4 à 5 spelers: pagina’s 42, 64, 86, 106, 130. De spellen zijn output gericht. 

Happy rolling! “And that’s when the magic starts to happen!”