TPRS in een jaar – voorafje voor techniek 5 – Cirkelen

TPRS in een jaar – voorafje voor techniek 5 – Cirkelen

Cirkelen is dé basisvragentechniek voor TPR Storytelling. Ben geeft in hoofdstuk 5 over cirkelen aan, dat uit uitgebreid onderzoek is gebleken dat output alleen maar ontstaat als er eerst enorm veel BEGRIJPELIJKE input gegeven is en dat om die reden LUISTEREN bij uitstek de focus dient te zijn van alle vreemde taal instructie en dat cirkelen bij uitstek het middel is voor het geven van begrijpelijke input.

TPRS_circle_Susan_GrossSimpel gezegd komt cirkelen neer op het stellen van vragen over alle onderdelen van de zin met de (nieuwe) structuren van die les en het zijn vragen:

  1. waarop het antwoord “ja” is
  2. waarop het antwoord “nee” is
  3. met of/of
  4. met een vraagwoord – altijd pas na 1, 2 en 3!

Je stelt de vragen over alle zinsdelen. Je stelt ze niet mechanisch steeds in dezelfde volgorde, maar je speelt ermee en vraagt nu eens naar het onderwerp, dan naar het werkwoord etc.  De klas antwoordt hierop in koor ; in het begin zal het antwoord vaak alleen nog maar 1 woord zijn, zoals “ja / nee / drinken / Pierre / water “. Hoe meer vocabulaire de leerlingen verworven hebben, hoe meer ze kunnen gaan antwoorden in langere zinnen. Dit is ook individueel verschillend. De output moet vooral niet geforceerd worden!

Ben geeft aan dat je kunt stoppen met het cirkelen van een bepaalde structuur, als je merkt dat de klas met vertrouwen reageert op wat je zegt.

Hier kun je een vertaling downloaden van Susan’s cirkelschema.

Hier kun je een Nederlandstalig voorbeeld zien van cirkelvragen = 13 verschillende vragen stellen over dezelfde zin : TPRS vertaling van Susan Gross: Hoe 13 vragen over 1 zin te stellen?

Ben vermeldt dit niet, maar bijvoorbeeld Beth Skelton gebruikt geen cirkel maar een ladder, waarbij je onderop de ladder vragen hebt van het laagste niveau – hierboven de vragen 1, 2 en 3 –  en daarboven komen dan de vragen met vraagwoorden, eerst nog vragen waarbij de vocabulaire al in de vraag zit (wie-vraag), dan vragen waarbij de vocabulaire door de eerdere vragen al bekend is geworden en bovenaan de ladder vragen met vraagwoorden van het hoogste niveau,  waarop creatieve antwoorden mogelijk zijn, met vocabulaire die uit het verleden bekend is.

Ben geeft ook nog een voorbeeld dat je nieuwe liedjes ook kunt cirkelen, waarbij je de leerlingen het liedje uit laat beelden en je steeds kleine scènes maakt van elke zin, die je dan via cirkelen gaat bevragen.

Cirkelen is de TPRS-techniek waarop alle andere technieken drijven, zoals PQA en uitgebreide PQA, verhalen vragen en alle begrijpelijke input. Iemand postte eens op de moretprslist: “Circle or die!”

De afbeelding is afkomstig van de website van Susan Gross en is daar als postertje te bestellen.

Advertenties

2 gedachtes over “TPRS in een jaar – voorafje voor techniek 5 – Cirkelen

  1. Heel nuttig en bruikbaar! Toch nog een klein taalpuntje (sorry, kan het niet laten): het is “het vocabulaire” i.p.v. “de …”

    • “Vocabulaire is een leenwoord uit de Franse taal, en is zowel een onzijdig als een mannelijk woord. Dit houdt dus in, dat je zowel kunt spreken van ‘de vocabulaire’ als van ‘het vocabulaire’.
      Welke vorm je gebruikt is afhankelijk van je persoonlijke voorkeur.” Bron:
      http://de-of-het.nl/vocabulaire/

Reacties zijn gesloten.